Op deze plek vertellen we verhalen bij bijzondere collectiestukken.
Regelmatig verschijnen hier nieuwe verhalen.

Rijgnaald met oorlepeltje van Fedt van Goslinga

De Romeinen hebben al oorlepels: het wroeten met een piepklein lepeltje in het oor is bij hen een normaal onderdeel van de persoonlijke hygiëne. Vikingen, ridders, en ook Nederlanders tot in de twintigste eeuw gebruiken oorlepels. De combinatie met een naald komt vaak voor. Archeologen vinden naald-oorlepels vaak op plekken waar ook vingerhoeden gevonden worden: de voormalige werkplaats van de kleermaker. Dat is heel praktisch: met een enkele handeling kan het oorsmeer direct worden gebruikt om de naald door sommige stugge stoffen te jassen.

Deze gouden oorlepel is natuurlijk niet van een kleermaker geweest. Fedt van Goslinga is een voorname vrouw die dit mooie dingetje misschien samen met een pincet, haarnaald of een sleutel in een buideltje aan haar gordel draagt.

Portret van een onbekend kind

In een tijd waarin de portretkunst een serieuze zaak is, is dit portret bijna vrolijk te noemen. Heel lang is gedacht dat dit kind Ida van Paffenrode voorstelt, de jongste van de twee weldoorvoede zusjes Van Paffenrode, dochters van Wick van Dekema en Schelte van Paffenrode uit Sexbierum. Maar meisjes dragen hun gouden kettingen niet schuin over de borst en ook vind je op een meisjesportret niet snel een jachthond. Dit is dus een jongen. Een probleem is dan wel dat vader en moeder Van Paffenrode geen zoons hebben. Wie het kind op dit leuke portret dan wel is, is vooralsnog een raadsel.

De kunstenaar die dit jongetje en Ymck heeft geschilderd, is niet de allerbeste portretschilder. Het ene oog is groter dan het andere en de hond heeft merkwaardige proporties. Harmen Willems Wieringa, wiens naam verbonden is aan deze portretten, heeft betere portretten gemaakt. Toekomstig onderzoek moet uitwijzen wie de daadwerkelijke schilder is.

Kinderbeker van Nicolaas Arnoldi Knock

‘Nicolaas Knok 7 april 1760 op sijn eerste verjaardag’ staat in dit bekertje gegraveerd onder een familiewapen. Nicolaas Knock wordt in 1759 geboren in Rotterdam of Leeuwarden. Op zijn eerste verjaardag krijgt hij dit bekertje. Zou hij er blij mee zijn geweest?

Nicolaas Knock wordt grietman van Ooststellingwerf en gecommitteerde in de Provinciale Rekenkamer van Friesland. Dat is natuurlijk zeer verdienstelijk, maar de literatuur vermeldt vooral dat Nicolaas een getalenteerd organist is die orgels keurt en een concert dirigeert voor de jarige Franeker Academie in 1785. Friedrich Ludwig Hauck schildert in 1772 een uitgesproken vrolijk portret van hem.