(26ste jaargang, nr. 3, mei/juni 2020) Dit nummer komt na acht maanden online beschikbaar.coverFryslan mei juni 2020 288x350

Friesland was van begin 20ste eeuw tot in de jaren zestig bespikkeld met zuivelfabrieken. Ze produceerden niet alleen kaas en boter, maar ook veel afvalwater. Dat ging linea recta de dichtstbijzijnde sloot in, met als gevolg stank en vissterfte, vooral ’s zomers. Maar de dorpelingen zagen dat zelden als probleem. It fabryk was immers ook meestal de grote werkgever in het dorp. Provincie en waterschap probeerden al in de jaren vijftig maatregelen op te leggen, maar veel hielp dat niet.

Lees meer...

(26ste jaargang, nr. 2, maart/april 2020) Dit nummer komt na acht maanden online beschikbaar.Fryslan ma apr 2020 cover 288x350

Hoe gruwelijk het einde van de Tweede Wereldoorlog Nederland trof, Friesland kwam er betrekkelijk ongeschonden van af. Toch was ook hier de uitbundigheid groot toen de geallieerde troepen in april 1945 triomfantelijk door de provincie trokken. Op straat werd gefeest, gevlagd, gedanst, gedronken, de stoere geallieerde soldaten om de hals gevlogen. Maar er waren bittere keerzijden die soms nog decennia dooretterden.

Lees meer...

cov Fryslan jan feb 2020-1 cover288x350

(26ste jaargang, nr. 1, januari/februari 2020) Dit nummer komt na acht maanden online beschikbaar.

Eind 19de, begin 20ste eeuw expandeerde de industrie in het Ruhrgebied tot ongekende omvang. Dat trok massa’s werkvolk, ook van het eigen platteland, waardoor daar gebrek aan arbeiders ontstond. In dat gat sprongen vooral Friezen. Zij gingen als melkers, volgens de Duitsers omdat ze daarin de besten waren. Motivatie van de Friezen waren de fikse verdiensten: met ƒ 500 à ƒ 600 tweemaal zoveel als thuis. Ank Engels grootvader werkte er in de industrie en zij deed er onderzoek naar. 

Lees meer...

(25ste jaargang, nr. 6, november/december 2019) Dit nummer komt na acht maanden online beschikbaar.Fryslan nov dec 2019 cover 288x350

In het laatste kwart van de 19de eeuw leefden tienduizenden Nederlanders in uitzichtloze armoede. Geen werk, geen geld, geen eten. Belabberde huisvesting, aan kindermonden vaak geen gebrek. Trieste uitzichtloosheid is het lot van de laagste klassen. En dan verschijnt daar Ferdinand Domela Nieuwenhuis, met een heilsboodschap. Hij weet hoe hij mensen in hun ziel moet raken. Hij raakt almaar meer in de ban van het lot van de kanslozen en van het socialisme om daaraan te ontsnappen.

Lees meer...