I Aanleveren teksten

Omvang en taal: de omvang wordt in overleg met de redactie vastgesteld (richtlijn: artikelen max. 8000 woorden (inclusief noten), essays max. 4000 woorden (inclusief noten). Een artikel of essay kan worden aangeleverd in het Nederlands, Fries, Engels of Duits. Een artikel of essay in het Engels of Duits van een non-native speaker dient de auteur zelf voor aanleveren te laten corrigeren door een native speaker van die taal.

Format: Bestanden dienen te worden aangeleverd in een van de volgende bestandsindelingen: .docx of .rtf.
Aanleveren kan alleen per e-mail via het redactiesecretariaat (emailadres zie onderaan): Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

II Abstracts

Er wordt in een apart bestand een samenvatting van maximaal 150 woorden bij het artikel geleverd in het Nederlands, Fries en Engels of naar beheersing van die talen. De redactie vult de ontbrekende abstracts aan. De samenvattingen worden gepubliceerd op de website van De Vrije Fries.

III Personalia

• De auteur levert ten behoeve van de rubriek personalia achter in het jaarboek een kort curriculum (maximaal 100 woorden). Apart aanleveren.
•Het artikel moet zijn voorzien van een voorblad met: voornaam (eerste voluit, evt. volgende letter(s), achternaam, titulatuur, adres en functie.

IV Peer review

De Vrije Fries verschijnt, naast voor algemeen geïnteresseerden, voor een wetenschappelijk publiek. Daarom wordt ernaar gestreefd zoveel mogelijk artikelen te peerreviewen.
• Voor het waarborgen en verhogen van de wetenschappelijke kwaliteit laat de redactie zich desgewenst adviseren door externe referenten die gespecialiseerd zijn op het betreffende onderwerp en/of brede domeinkennis hebben.
• Geanonimiseerde artikelen worden door deze referenten ten minste beoordeeld op de onderzoeksopzet, de methodologie en de bijdrage aan het wetenschappelijke veld. De externe feedback wordt geanonimiseerd teruggekoppeld aan de auteur.
• Op basis van de peer review wordt de auteur mogelijk uitgenodigd om het manuscript te herzien. Op het moment van herindiening wordt de auteur gevraagd om een toelichting op het al dan niet verwerken van de externe feedback.
• Mede op basis hiervan beslist de redactie in laatste instantie over al dan niet opname en het tijdstip van publicatie.

V Opmaak etc.

Nieuwe alinea’s inspringen met een tab (behalve de eerste alinea’s na een kopje of na een witregel).
Beperkte opmaak: tekst aanleveren als platte tekst, d.w.z. geen extra lay-out in de vorm van opmaakstijlen, margeversmalling, dubbele tabs, niet afbreken, niet uitlijnen. In de tekst alleen cursiveringen toepassen; geen onderstrepingen gebruiken, geen woorden in kapitaal schrijven, geen onnodige accentuering in woorden gebruiken. Lettertype Times New Roman, pt. 12. Regelafstand 1,5. Haal dubbele spaties uit de tekst.
Cursief toepassen bij het gebruik van woorden in een andere taal dan die van het artikel en bij het aanhalen van boektitels en titels van kranten en tijdschriften.
Tussenkopjes in vetdruk, na een witregel en laten volgen door een witregel; tussenkopjes niet nummeren.
Citaten of aanhalingstekens: korte citatenmet ‘enkele’ aanhalingstekens (zgn. inverted comma’s) doorlopend in de tekst. Lange citaten worden in blok gezet met inspringing en witregel ervoor en erna, zonder aanhalingstekens. Lettertype Times New Roman, pt. 11.
Titels van boeken, tijdschriften, kranten en schilderijen cursief. Titels van artikelen en gedichten tussen aanhalingstekens.
• Hoofdlettergebruik: volgens de geldende spelling van de gekozen taal; in het Nederlands alleen bij officiële naamsaanduiding: Nederlandse Hervormde Kerk, Nederland, Friese Beweging, de Verlichting. Niet bij: hervormden, Friese bewegers, verlichte ideeën. Zie verder: ‘Leidraad bij de Woordenlijst van de Nederlandse taal’, op www.woordenlijst.org/leidraad.
Getallen: eeuwgetallen voluit, dus ‘zeventiende eeuw’ en niet ‘17de eeuw’. Cijfers onder de twintig en tientallen tot honderd voluit, behalve in opsommingen en tabellen.
Afkortingen: geen afkortingen, behalve in notenapparaten, waarbij de afkorting na een eerste volledige weergave tussen haakjes wordt geïntroduceerd.
• In de lopende tekst wordt ‘procent’ gehanteerd; in tabellen het %-teken.
• Voor topografische namen geldt dat de officiële schrijfwijze wordt gehanteerd die hoort bij de taal van het artikel; voor de topografische namen waarvan in de provincie Fryslân alleen de Friese naam officieel is vastgesteld, wordt deze naam gebruikt.

VI Aanleveren illustraties, bijschriften, tabellen en grafieken

• Het illustratiebeleid van DVF is functioneel; dat wil zeggen dat de illustraties betrekking hebben op de lopende tekst.
• De auteur levert zelf de illustraties (of eventueel suggesties daartoe) aan en schrijft zelf de bijschriften bij de illustraties. De auteur controleert zelf of er auteursrecht op de te gebruiken afbeelding rust en vraagt zelf indien nodig toestemming bij de rechthebbende, ook voor online publicatie. De auteur draagt zelf de eventuele kosten voor het gebruik van afbeeldingen.  De auteur geeft in de bijschrifttekst ook verkort de bron aan, tussen haakjes (bijv. Tresoar, Leeuwarden).
• De illustraties dienen in een apart bestand te worden aangeleverd in het grootst mogelijke formaat. Minimaal te verwerken op 10 cm breedte op 300 DPI. Bij voorkeur leveren in JPG (hoogste kwaliteit, dus zonder compressie), TIFF of PNG.
• De bijschriften dienen ook apart te worden aangeleverd.
• Afbeeldingen en bijschriften duidelijk nummeren. In de tekst wordt duidelijk gemaakt waar een afbeelding bij hoort, via ‘(afb. 1)’, ‘(afb. 2)’ etc.
• Bijschriften beginnen met nummer van de afbeelding en niet eindigen met een punt.
• Afbeeldingen en bijschriften niet in de versie van het artikel plaatsen dat voor eindredactie wordt aangeleverd.
• Hetzelfde geldt voor tabellen en grafieken. Niet in de tekst invoegen, maar als aparte bestanden meesturen (koptekst van een tabel is vet). De plaats van tabellen wordt in de tekst vermeld (‘Tabel 1’).

VII Wijze van annotatie en bronvermelding

• In DVF worden (m.i.v. 2017) voetnoten gebruikt, geen eindnoten. Nootnummers in de tekst, in superscript, aan het eind van een zin plaatsen, achter de punt, tenzij het explicatieve noten betreft die betrekking hebben op een specifiek(e) woord(groep) in de zin. Noten dienen functioneel te zijn, niet wijdlopig.
• Het notenapparaat wordt als in de navolgende voorbeelden samengesteld. Bij eerste vermelding: Boek: Maarten Prak, Gouden eeuw. Het raadsel van de Republiek (Nijmegen 2002); Artikel: Jos Bazelmans, ‘Is Frieslands oudheid tegenwoordig zonder belang?’, De Vrije Fries 82 (2002), 302-309. Tijdschrift: Yme Kuiper, ‘Inleiding: de arbeidersbiografie nader bekeken’, It Beaken 70 (2009) 1/2, 1-12. Bij twee auteurs wordt ‘en’ tussen de namen geplaatst. Bij 3 auteurs als volgt: G.J.A. Bouma, E. Dijkstra en A. Osinga, Het Friese paard (Drachten 1999). Bij meer dan drie auteurs wordt alleen de eerste naam vermeld met e.a. erachter, bijvoorbeeld: J.C. Besteman e.a., titel. Het gebruik van voorletters dan wel voornamen moet corresponderen met de manier waarop die zijn weergegeven in de officiële titelbeschrijving.
• Bij tweede en volgende vermelding gaat annotatie volgens het zogenaamde verkorte titel-systeem: b.v. Prak, Gouden eeuw, 3; Bazelmans, ‘Frieslands oudheid?’, 306; Kuiper, ‘Arbeidersbiografie’, 5.
• Wanneer een verwijzing identiek is aan de voorgaande volstaat Ibidem; wanneer een verwijzing naar dezelfde bron verwijst als voorgaande, maar naar een andere pagina volstaat Ibidem, x (waarbij x het nieuwe paginanummer is). Bij een zelfde auteur met een andere titel wordt Idem gebruikt.
•bij internetverwijzingen datum raadpleging vermelden:
bijv. http://www.parlement.com/id/vg09llt0per3/j g baron de mey van streefkerk   (geraadpleegd 22 mei 2016). NB geen hyperlink.
• bij paginanummers geen ‘p’ of ‘pp’ plaatsen voor het nummer, tenzij dit misverstanden geeft (zoals bij verwijzing naar archiefstukken die al een toegangsnummer en inventarisnummer hebben). Bij het gebruiken van afleveringsnummers komt een komma achter dit afleveringsnummer.
Titel scriptie niet cursief, maar tussen enkele aanhalingstekens, bijv.: Droog, M., ‘Drukwerk voor iedereen. Het fonds van de Leeuwarder uitgever Abraham Ferwerda (1716-1783)’ (BA-scriptie, Rijksuniversiteit Groningen 2012)

VIII Archivalia

Van algemeen naar specifiek: instellingsnaam + plaats van vestiging, toegangsnummer, naam van het archiefbestand, inv.nr., omschrijving van het inventarisnummer zoals in de inventaris staat en verder noodzakelijke eigenschappen als datums bij correspondenties enz.

IX De werkwijze van de redactie

• Na binnenkomst van een artikel wordt dit door de gehele redactie gelezen en beoordeeld. Tevens kan het artikel anoniem worden voorgelegd aan een door de redactie aan te wijzen externe deskundige. Drie oordelen zijn mogelijk: (1) het artikel wordt behoudens misschien enkele eindredactionele wijzigingen geaccepteerd; (2) het artikel wordt aangenomen mits er veranderingen worden aangebracht; (3) het artikel wordt geweigerd.
• In de gevallen (1) en (2) begeleidt vervolgens een van de redactieleden het verdere traject en houdt contact met de auteur. De auteur levert een laatste digitale versie van het artikel in.
• Na inlevering van deze definitieve versie wordt de tekst doorgegeven aan de eindredacteur, die het recht heeft om voorstellen tot stilistische aanpassing te doen. De eindredacteur legt de laatste versie ter fiattering aan de auteur voor. De auteur krijgt een PDF van de opgemaakte versie van het artikel als drukproef.
• De eindredacteur maakt het artikel klaar voor de drukker.
• De auteur ontvangt 2 exemplaren van de De Vrije Fries en een PDF van het gepubliceerde artikel.

X Copyrights

Het Fries Genootschap en de Fryske Akademy streven ernaar om na verloop van tijd de inhoud van De Vrije Fries op het internet te publiceren. Zonder verder tegenbericht gaat de redactie ervan uit dat een auteur van een geplaatst artikel daartoe toestemming verleent.

Redactiesecretariaat (2017)
Arjen Dijkstra: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.